Samen werken, voor een psychisch gezonde jeugd

Zoeken
Generic filters
Exact matches only

Psychotische stoornissen bij kinderen en adolescenten

Hieronder vind je betrouwbare kennis over de diagnose en behandeling van psychotische stoornissen bij kinderen en adolescenten. Professionals in de jeugd-ggz krijgen inzicht in onder andere: klinisch beeld, etiologie, prevalentie, comorbiditeit, diagnostiek, behandeling, en beloop en prognose.

Het Kenniscentrum heeft de teksten in samenwerking met experts en ervaringsdeskundigen opgesteld en spant zich in om de informatie zo actueel mogelijk te houden. Heb je suggesties? Deze kun je doorgeven via het formulier onderaan de pagina.

Op deze pagina

Beschrijving psychose

Terug naar boven
Terug naar boven
Terug naar boven
Terug naar boven

gedragsstoornissen, autismespectrumstoornissen, angststoornissen, obsessieve-compulsieve stoornis of een paniekstoornis. Er kan tevens sprake zijn van agressie, agitatie en suïcidaliteit (NICE, 2013; Volksgezondheid en Zorg, 2021). Naast de mogelijkheid van comorbide stoornissen, dient ook overwogen te worden of er sprake is van een andere stoornis die moeilijk te onderscheiden kan zijn van een psychotische stoornis.

Licht verstandelijke beperking en psychotische stoornissen

De symptomen die bij psychotische stoornissen horen kunnen voorkomen bij jeugdigen met een licht verstandelijke beperking (LVB) zonder dat zij daadwerkelijk een psychotische stoornis hebben. Aan de andere kant hebben deze jongeren relatief vaker psychotische klachten dan de doorsnee populatie (Došen et al, 2008). Zo hebben mensen met een lager IQ vaker psychotische klachten, zonder dat zij een psychotische stoornis ontwikkelen, dan mensen met een hoger IQ (Horwood et al., 2008). Om die reden moet er altijd gekeken worden of er sprake is van LVB-problematiek als iemand zich meldt met psychotische klachten. Ander onderzoek van Strålin & Hetta (2019) wees uit dat wanneer er sprake is van zowel een lichtverstandelijke beperking als psychotische stoornissen, dit wordt geassocieerd met een langere behandelduur en een verhoogde dosis antipsychotica. Meer informatie over de comorbiditeit van psychotische stoornissen en LVB is elders op deze website te vinden, bij het thema LVB.

Terug naar boven
zorgstandaard Psychose (2017) worden vier fasen of klinische stadia onderscheiden: Stadium I UHR ´ultra high risk´: hoog risico op psychose: Patiënten hebben subklinische psychotische symptomen en/of een zeer korte psychose achter de rug en/of hebben een familiair risico vanwege een ouder, broer of zus met een psychotische stoornis. In alle gevallen moet er sprake zijn van recente achteruitgang van het sociaal-maatschappelijk functioneren. Stadium II Eerste psychose: Voor het eerst maken patiënten een psychose door, waarbij er minimaal een week psychotische symptomen zijn die gepaard gaan met lijdensdruk en verminderd functioneren. Stadium III Episodisch verloop: onvolledige remissie, relaps of recidief: Bij onvolledige remissie houdt de patiënt last van symptomen. Van relaps of terugval is sprake als na aanvankelijke volledige remissie de psychose teruggekomen is. Bij recidief maakt de patiënt na een periode van remissie opnieuw een psychose door. Er is sprake van een terugkerend patroon van psychotische episoden in combinatie met een terugval in functioneren. Stadium IV Aanhoudende ernstige problematiek: chronische symptomen en beperkingen: In dit stadium zijn er meerdere recidieven doorgemaakt of is de psychose chronisch geworden. Patiënten hebben te maken met langdurige achteruitgang in functioneren of ernstige, aanhoudende ziekte met chronische symptomen en functionele handicaps.
Terug naar boven

doi: 10.1016/j.chc.2013.06.004

Boeing, L., Murray, V., Pelosi, A., McCabe, R., Blackwood, D., & Wrate, R. (2007). Adolescent-onset psychosis: prevalence, needs and service provision. British journal of Psychiatry, 198, 18-26.

Boonstra, N., Klaassen, R., Wunderink, L. (2014). Vroegtijdige onderkenning van een psychose; meta-analyse naar verband tussen duur van onbehandelde psychose en beloop van negatieve symptomen. Tijdschrift voor psychiatrie; 56(2014)5, 309-318.

Catalan, A., Salazar de Pablo, G., Vaquerizo Serrano, J., Mosillo, P., Baldwin, H., Fernandez-Rivas, A., Moreno, C., Arango, C., Correll, C. U., Bonoldi, I., Fusar-Poli, P. (2021). Annual Research Review: Prevention of psychosis in adolescents – systematic review and meta-analysis of advances in detection, prognosis and intervention. Journal of Child Psychology and Psychiatry; 62 (5): 657-673. https://doi:10.1111/jcpp.13322

Dama, M., Shah, J., Norman, R., Iyer, S., Joober, R., Schmitz, N., Abdel‐Baki, A., & Malla, A. (2019). Short duration of untreated psychosis enhances negative symptom remission in extended early intervention service for psychosis. Acta Psychiatrica Scandinavica, 140(1), 65–76. https://doi.org/10.1111/acps.13033

David, A.S., Malmberg, A., Brandt, L., Allebeck, P., Lewis, G. (1997). IQ and risk for schizophrenia: a population-based cohort study. Psychological Medicine; 27(6): 1311-1323.

Dealberto, M. (2010). Ethnic origin and increased risk for schizophrenia in immigrants to countries of recent and longstanding immigration. Acta Psychiatrica Scandinavica; 121(5), 325-339.

Díaz-Caneja, C. M., Pina-Camacho, L., Rodríguez-Quiroga, A., Fraguas, D., Parellada, M., & Arango, C. (2015). Predictors of outcome in early-onset psychosis: a systematic review. npj Schizophrenia, 1(1), 1–9. https://doi.org/10.1038/npjschz.2014.5

Došen, A., Gardner, W.I., Griffiths, D.M., King, R., & Lapointe, A. (2008). Richtlijnen en principes voor de praktijk: Beoordeling, diagnose, behandeling en bijbehorende ondersteuning voor mensen met verstandelijke beperkingen en probleemgedrag. Nederlandse bewerking: Ad van Gennep. Utrecht: Vilans/LKNG.

Driver, D. I., Gogtay, N., & Rapoport, J. L. (2013). Childhood Onset Schizophrenia and Early Onset Schizophrenia Spectrum Disorders. Child and Adolescent Psychiatric Clinics of North America, 22(4), 539–555. https://doi.org/10.1016/j.chc.2013.04.001

Ferdinand, R.F., Sondeijker, F., van der Ende, J., Selten, J., Huizink, A., & Verhulst, F.C. (2005). Cannabis use predicts future psychotic symptoms, and vice versa. Addiction, 100, 612–618.

Fergusson, D.M., Horwood, L.J., & Ridder, E.M. (2005). Tests of causal linkages between cannabis use and psychotic symptoms. Addiction, 100, 354–366.

Foti, D.J., Kotov, R., Guey, L.T., & Bromet, E.J. (2010). Cannabis use and the course of schizophrenia: 10-year followup after first hospitalization. American Journal of Psychiatry, 167(8), 987–993.

Fusar-Poli, P., Tantardini, M., De Simone, S., Ramella-Cravaro, V., Oliver, D., Kingdon, J., Kotlicka-Antczak, M., Valmaggia, L., Lee, J., Millan, M.J., Galderisi, S., Balottin, U., Ricca, V., & McGuire, P. (2017). Deconstructing vulnerability for psychosis: Meta-analysis of environmental risk factors for psychosis in subjects at ultra-high-risk. Eur Psychiatry.,40, 65-75.

Gardner, K. N., Nasrallah, H.A. (2015). Managing first-episode psychosis: an early stage of schizophrenia with distinct treatment needs. Current Psychiatry. 14(5): 32-34, 36-40, 42

Gordon, C.T., Frazier, J.A., McKenna, K., Giedd, J., Zametkin, A., Zahn, T., Hommer, D., Hong W, Kaysen D, Albus KE. (1994). Childhood-onset schizophrenia: an NIMH study in progress. Schizophrenia Bulletin; 20(4): 697-712.

Gordon, C.T., Krasnewich, D., White, B., Lenane, M., Rapoport, J.L. (1994). Brief report: translocation involving chromosomes 1 and 7 in a boy with childhood-onset schizophrenia. Journal of Autism and Developmental Disorders; 24(4): 537-545.

Gurak, K., & Weisman de Mamani, A. (2016). Risk and Protective Factors, Perceptions of Family Environment, Ethnicity, and Schizophrenia Symptoms. The Journal of Nervous and Mental Disease, 204(8), 570–577. https://doi.org/10.1097/nmd.0000000000000558

De Haan, L., Becker, H. (2006). Psychosen. In: Leerboek Psychiatrie, Kinderen en adolescenten. Utrecht: De Tijdstroom.

Henquet, C., Murray, R., Linszen, D., van Os, J. (2005). Envoronment and schizophrenia: the role of cannabis use. Schizophrenia Bulletin; 31(3): 608-612.

Hilker, R., Helenius, D., Fagerlund, B., Skytthe, A., Christensen, K., Werge, T. M., Nordentoft, M., & Glenthøj, B. (2018). Heritability of Schizophrenia and Schizophrenia Spectrum Based on the Nationwide Danish Twin Register. Biological Psychiatry, 83(6), 492–498. https://doi.org/10.1016/j.biopsych.2017.08.017

Horton, L. E., Tarbox, S. I., Olino, T. M., & Haas, G. L. (2015). Trajectories of premorbid childhood and adolescent functioning in schizophrenia-spectrum psychoses: A first-episode study. Psychiatry Research, 227(2–3), 339–346. https://doi.org/10.1016/j.psychres.2015.02.013

Horwood, J., Salvi, G., Thomas, K., et al. (2008) IQ and non-clinical psychotic symptoms in 12-year-olds: results from the ALSPAC birth cohort. The British Journal of Psychiatry, 193, 185-191

De Jong (2019). Bijzondere ervaringen. Wat zijn dat eigenlijk? Folder Youz.

Kahn, R. S., Sommer, I. E., Murray, R. M., Meyer-Lindenberg, A., Weinberger, D. R., Cannon, T. D., O’Donovan, M., Correll, C. U., Kane, J. M., van Os, J., & Insel, T. R. (2015). Schizophrenia. Nature Reviews Disease Primers, 1(1), 1–23. https://doi.org/10.1038/nrdp.2015.67

Karayiorgou, M., Morris, M.A., Morrow, B., Shprintzen, R.J., Goldberg, R., Borrow, J., Gos, A., Nestadt, G., Wolyniec, P.S., Lasseter, V.K. (1995). Schizophrenia susceptibility associated with interstitial deletions of chromosome 22q11.Proceedings of the National Academy of Sciences; 92(17): 7612-7616.

Kraan, T., Velthorst, E., Koenders, L., Zwaart, K., Ising, H.K., van den Berg, D., de Haan, L., van der Gaag, M. (2016). Cannabis use and transition to psychosis in individuals at ultra-high risk: review and meta-analysis. Psychol Med.,46(4), 673-81.

Kraan, T., Velthorst, E., Smit, F., de Haan, L., & van der Gaag, M. (2015). Trauma and recent life events in individuals at ultra-high risk for psychosis: review and meta-analysis. Schizophr Res.,161(2-3), 143-9.

Krabbendam, L., van Os, J. (2005). Schizophrenia and urbanicity: a major environmental influence--conditional on genetic risk. Schizophrenia Bulletin; 31(4): 795-799.

Landelijke Stuurgroep Multidisciplinaire Richtlijnontwikkeling in de ggz. (2005). Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie 2005. Utrecht: Trimbos-instituut (Via www.ggzrichtlijnen.nl)

Landelijke Stuurgroep Multidisciplinaire Richtlijnontwikkeling in de ggz (2012). Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie. Utrecht: De Tijdstroom.

Lang, B. S., Boumans, C., & Nijman, H. (2020). Is de Korte Schaal voor Negatieve Symptomen een bruikbaar instrument? GZ - Psychologie, 12(1), 16–22. https://doi.org/10.1007/s41480-020-0116-1

Masi, G., Mucci, M., Pari, C. (2006). Children with schizophrenia. Clinical picture and pharmacological treatment. CNS drugs; 20(10): 841-866.

Mastrigt, S. van, Addington, J., Addington, D. (2004). Substance misuse at presentation to an early psychosis program. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology; 39(1): 69-72.

McClellan, J., Breiger, D., McCurry, C., Hlastala, S.A. (2003) Premorbid functioning in early-onset psychotic disorders. Journal of the American Academy of Child and Adolescent Psychiatry; 42(6): 666-672.

Moore, T.H, Zammit, S., Lingford-Hughes, A., Barnes, T.R., Jones, P.B., Burke, M., Lewis, G. (2007). Cannabis use and risk of psychotic or affective mental health outcomes: a systematic review. Lancet; 370(9584): 319-328.

Murphy, K.C., Jones, L.A., Owen, M.J. (1999). High rates of schizophrenia in adults with velo-cardio-facial syndrome. Archives of General Psychiatry; 56(10): 940-945.

Murray, R. M., Mondelli, V., Stilo, S. A., Trotta, A., Sideli, L., Ajnakina, O., Ferraro, L., Vassos, E., Iyegbe, C., Schoeler, T., Bhattacharyya, S., Marques, T. R., Dazzan, P., Lopez-Morinigo, J., Colizzi, M., O’Connor, J., Falcone, M. A., Quattrone, D., Rodriguez, V., … Di Forti, M. (2020). The influence of risk factors on the onset and outcome of psychosis: What we learned from the GAP study. Schizophrenia Research, 225, 63–68. https://doi.org/10.1016/j.schres.2020.01.011

NICE (National institute for Health and Clinical Excellence) (2013). Psychosis and Schizophrenia in children and young people. Recognition and Management. Nice Richtlijn CG 155, Londen.

Os, J. van & Kapur, S. (2009) Schizophrenia. The Lancet, 374, 635-645.

Powers, A. R., Addington, J., Perkins, D. O., Bearden, C. E., Cadenhead, K. S., Cannon, T. D., Cornblatt, B. A., Mathalon, D. H., Seidman, L. J., Tsuang, M. T., Walker, E. F., McGlashan, T. H., & Woods, S. W. (2020). Duration of the psychosis prodrome. Schizophrenia Research, 216, 443–449. https://doi.org/10.1016/j.schres.2019.10.051

Qi, R., Palmier‐Claus, J., Simpson, J., Varese, F., & Bentall, R. (2019). Sexual minority status and symptoms of psychosis: The role of bullying, discrimination, social support, and drug use – Findings from the Adult Psychiatric Morbidity Survey 2007. Psychology and Psychotherapy: Theory, Research and Practice, 93(3), 503–519. https://doi.org/10.1111/papt.12242

Raballo, A., Monducci, E., Ferrara, M., Fiori Nastro, P., & Dario, C. (2018). Developmental vulnerability to psychosis: Selective aggregation of basic self-disturbance in early onset schizophrenia. Schizophrenia Research, 201, 367–372. https://doi.org/10.1016/j.schres.2018.05.012

Read, J., van Os, J., Morrison, A.P., Ross, C.A. (2005). Childhood trauma, psychosis and schizophrenia: a literature review with theoretical and clinical implications. Acta Psychiatrica Scandinavica; 112(5): 330-350.

Ropcke, B. & Eggers, C. (2005). Early-onset schizophrenia: a 15-year follow-up.
European Child and Adolescent Psychiatry, 14, 341–350.

Russell, A.T., Bott, L., Sammons, C. (1989). The phenomenology of schizophrenia occurring in childhood. Journal of the American Academy of Child and Adolescent Psychiatry; 28(3): 399-407.

Schizofrenie | Cijfers & Context | Oorzaken en gevolgen | Volksgezondheidenzorg.info. (2021). Volksgezondheid en Zorg. https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/schizofrenie/cijfers-context/oorzaken-en-gevolgen#node-comorbiditeit-bij-schizofrenie

Schneider, M. (2008). Puberty as a highly vulnerable developmental period for the consequences of cannabis exposure. Addiction Biology; 13(2): 253-263.

Schultze-Lutter F, Klosterkötter J, Ruhrmann S. Improving the clinical prediction of psychosis by combining ultra-high risk criteria and cognitive basic symptoms. Schizophr Res. (2014);154:100–106.

Schultze-Lutter F, Ruhrmann S, Fusar-Poli P, Bechdolf A, Schimmelmann BG,
Klosterkötter J. Basic symptoms and the prediction of first-episode psychosis. Curr Pharm Des (2012) 18:351–7.

Selten, J.-P., Laan, W., Kupka, R., Smeets, H., & Os, J. van (2011). Meer kans op depressie en psychose bij allochtonen. Nederlands Tijdschrift voor de Geneeskunde, 155, 1-7.

Sevy, S., Robinson, D.G., Holloway, S., Alvir, J.M., Woerner, M.G., Bilder, R., Goldman, R., Lieberman, J., Kane, J. (2001). Correlates of substance misuse in patients with first-episode schizophrenia and schizoaffective disorder. Acta Psychiatrica Scandinavica; 104(5): 367-374.

Sikich, L. (2013). Diagnosis and Evaluation of Hallucinations and Other Psychotic Symptoms in Children and Adolescents. Child and Adolescent Psychiatric Clinics of North America, 22(4), 655–673. https://doi.org/10.1016/j.chc.2013.06.005

Stafford, M.R., Jackson, H., Mayo-Wilson, E., Morrison, A.P., & Kendall, T. (2013). Early interventions to prevent psychosis: systematic review and meta-analysis. BMJ, 346:f185.

Stentebjerg-Olesen, M., Pagsberg, A. K., Fink-Jensen, A., Correll, C. U., & Jeppesen, P. (2016). Clinical Characteristics and Predictors of Outcome of Schizophrenia-Spectrum Psychosis in Children and Adolescents: A Systematic Review. Journal of Child and Adolescent Psychopharmacology, 26(5), 410–427. https://doi.org/10.1089/cap.2015.0097

Stichting PsychoseNet. (2021). Dopamine en psychose: wat is de relatie? PsychoseNet. Https://www.psychosenet.nl/psychose/oorzaken-psychose/dopamine/

Strålin, P., & Hetta, J. (2019). First episode psychosis and comorbid ADHD, autism and intellectual disability. European Psychiatry, 55, 18–22. https://doi.org/10.1016/j.eurpsy.2018.09.007

Van Alphen C., Ammeraal M., Blanke C., Boonstra N., Boumans H., Bruggeman R., et al. (2012). Multidisciplinaire richtlijn schizofrenie. Tweede revisie ed.: De Tijdstroom

Van der Gaag, M., van den Berg, D., & Ising, H. (2019). CBT in the prevention of psychosis and other severe mental disorders in patients with an at risk mental state: A review and proposed next steps. Schizophrenia Research, 203, 88-93.

Van der Gaag, M., Nieman, H., Rietdijk, J., Dragt, S., Ising, H.K., Klaassen, R.M.C., et al., (2012).Cognitive behavioral therapy for subjects at ultrahigh risk for developing psychosis: arandomized controlled clinical trial. Schizophr. Bull. 38 (6), 1180–1188.

Veerman, S. (2020). Behandeling van positieve, negatieve en cognitieve symptomen bij therapieresistente schizofrenie. 15. 10-21.

Veling, W., Selten, J-P. Veen, N., Laan, W., Blom, J.D., & Hoek, H.W. (2006). Incidence of schizophrenia among ethnic minorities in the Netherlands: A four-year first-contact study. Schizophrenia Research, 86,189-193.

Velthorst, E., Nieman, D.H., Becker, H.E., van de Fliert, R., Dingemans, P.M., Klaassen, R., de Haan, L., van Amelsvoort, T., Linszen, D.H. (2009). Baseline differences in clinical symptomatology between ultra-high risk subjects with and without a transition to psychosis. Schizophrenia Research; 109(1-3): 60-65.

Vorstman, J.A., Breetvelt, E.J., Hillegers, M.H., Scheepers, F.E. (2015). Psychose: symptomen en stoornissen onderscheiden bij kinderen en adolescenten. Tijdschrift voor psychiatrie 57(2015)12, 928-932

Vyas Shirk, D., & S Janjua, K. (2020). “One in a million”: A case of a very early onset schizophrenia. Case Reports International, 9, 1. https://doi.org/10.5348/100083z06ds2020cr

Wigman, J.T.W., Vollebergh, W.A.M.,Raaijmakers, Q.A.W., Iedema, J., van Dorsselaer, S., Ormel, J., Verhulst, F.C., & van Os, J. (2011). The Structure of The Extended Psychosis Phenotype in Early Adolescence—A Cross-sample Replication. Schizophr Bull., 37(4), 850–860.

Wunderink, L. (z.d.). Spreekuurthuis schizofrenie. Spreekuurthuis. https://spreekuurthuis.nl/themas/schizofrenie/informatie/de_symptomen_van_schizofrenie/affectieve_symptomen (niet langer online)

Wunderink, L., van Bebber, J., Sytema, S., Boonstra, N., Meijer, R. R., & Wigman, J. T. W. (2020). Reprint of: Negative symptoms predict high relapse rates and both predict less favorable functional outcome in first episode psychosis, independent of treatment strategy. Schizophrenia Research, 225, 69–76. https://doi.org/10.1016/j.schres.2020.11.046

Zorgstandaard Psychose (2017). Netwerk Kwaliteitsontwikkeling GGZ. Utrecht.

Terug naar boven

Diagnose psychose

Terug naar boven
Terug naar boven
Terug naar boven

CAARMS) (Yung et al., 1996): is een semigestructureerd interview dat een training vereist voor afname.
Ditzelfde geldt voor de Structured Interview for Prodromal Syndromes (SIPS) en Scale of Prodromal Symptoms (SOPS). CAARMS en SIPS/ SOPS zijn vergelijkbare instrumenten.
De Ervaringenlijst is bedoeld om te screenen op subklinische psychotische symptomen die kunnen wijzen op een verhoogd risico op een psychotische stoornis.
De Ervaringenlijst is een screeningsinstrument waarbij men nagaat of iemand een verhoogd risico op psychose heeft. De ervaringenlijst kan vanaf 14 jaar worden afgenomen als screeningsinstrument bij intake, onafhankelijk van klachten. Bij verhoogde score kan vervolgens de CAARMS afgenomen worden om te bepalen of iemand niet at risk, wel at risk of zelfs al psychotisch is te onderzoeken. De CAARMS is een 1-1,5 uren durend onderzoeksinstrument waar een training voor gevolgd kan worden.

Meetinstrumenten gericht op comorbiditeit

Composite International Diagnostic Interview - Substance Abuse Module (CIDI-SAM): is een gestructureerd en gedetailleerd diagnostisch interview, ontwikkeld om diagnosen op het gebied van middelenmisbruik en -afhankelijkheid te stellen bij jongeren vanaf 15 jaar.
Child Behavior Checklist 6-18 (CBCL 6-18): De CBCL is een instrument om gedrags- en emotionele problemen en vaardigheden van kinderen en jongeren (van 6 tot en met 18 jaar), zoals door ouders gerapporteerd, op gestandaardiseerde wijze te kwantificeren.

Meetinstrumenten gericht op sociaal en maatschappelijk functioneren

Social and Occupational Functioning Assessment Scale (SOFAS): is een schaal vergelijkbaar met de GAF om het sociaal en professioneel functioneren in kaart te brengen.

Terug naar boven

https://doi.org/10.1111/acps.13033

de Leede-Smith, S., & Barkus, E. (2013). A comprehensive review of auditory verbal hallucinations: lifetime prevalence, correlates and mechanisms in healthy and clinical individuals. Frontiers in Human Neuroscience, 7, 1–18. https://doi.org/10.3389/fnhum.2013.00367

Dossetor, D.R. (2007). ‘All that glitters is not gold’: Misdiagnosis of psychosis in pervasive developmental disorders - A case series. Clinical Child Psychology and Psychiatry, 12(4), 537-548.

EBRO Module Vroege Psychose (2017). Netwerk Kwaliteitsontwikkeling GGZ. Utrecht.

Filatova, S., Koivumaa-Honkanen, H., Hirvonen, N., Freeman, A., Ivandic, I., Hurtig, T., Khandaker, G. M., Jones, P. B., Moilanen, K., & Miettunen, J. (2017). Early motor developmental milestones and schizophrenia: A systematic review and meta-analysis. Schizophrenia Research, 188, 13–20. https://doi.org/10.1016/j.schres.2017.01.029

Fonseca Pedrero, E.,& Debbané, M. (2017). Schizotypal traits and psychotic-like experiences during adolescence: An update. Psicothema., 29(1), 5-17.

Garralda, M.E. (1984). Hallucinations in children with conduct and emotional disorders: I. The clinical phenomena. Psychological Medicine; 14(3): 589-96

Giannitelli, M., Consoli, A., Raffin, M., Jardri, R., Levinson, D. F., Cohen, D., & Laurent-Levinson, C. (2018). An overview of medical risk factors for childhood psychosis: Implications for research and treatment. Schizophrenia Research, 192, 39–49. https://doi.org/10.1016/j.schres.2017.05.011

Hamylyn et al. 2013. Modifiable risk factors for schizophrenia and autism….Neurobiol Dis 53, 3-9.

Ising, H.K., Veling, W., Loewy, R.L., Rietveld, M.W., Rietdijk, J., Dragt, S., Klaassen, R.M.C., Nieman, D.H., Wunderink, L., Linszen, D.H., van der Gaag, M. (2012). The Validity of the 16-Item Version of the Prodromal Questionnaire (PQ-16) to Screen for Ultra High Risk of Developing Psychosis in the General Help-Seeking Population. Schizophrenia Bulletin, 38(6), 1288-96.

Kafali, H. Y., Bildik, T., Bora, E., Yuncu, Z., & Erermis, H. S. (2019). Distinguishing prodromal stage of bipolar disorder and early onset schizophrenia spectrum disorders during adolescence. Psychiatry Research, 275, 315–325. https://doi.org/10.1016/j.psychres.2019.03.051

Kelleher, I., Connor, D., Clarke, M.C., Devlin, N., Harley, M., & Cannon, M. (2012). Prevalence of psychotic symptoms in childhood and adolescence: A systematic review and meta-analysis of population-based studies. Psychological Medicine, 9, 1-7.

Kilcommons, A.M., & Morrison, A.P. (2005). Relationships between trauma and psychosis: an exploration of cognitive and dissociative factors. Acta Psychiatr Scand, 112, 351–359.

Konstantareas and Hewit (2001). Autism diorder and schizophernia: diagnostic overlaps. Journal of autism and dev disoder.

Landelijke Stuurgroep Multidisciplinaire Richtlijnontwikkeling in de GGZ. (2010). Concepttekst herziene versie van Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie 2005. Utrecht: Trimbos-instituut.

Lewin, A.B., Bergman, R.L., Peris, T.S., Chang, S., McCracken, J.T., & Piacentini, J. (2010). Correlates of insight among youth with obsessive-compulsive disorder. Journal of Child Psychology and Psychiatry, 51(5), 603–611.
Masi, G., Mucci, M., Pari, C. (2006). Children with schizophrenia. Clinical picture and pharmacological treatment. CNS drugs; 20(10): 841-866.

Maat, A. and Palmen, S. Autismespectrumstoornis. Hoofdstuk in: Handboek Schizofrenie spectrumstoornissen. De tijdstroom. Amsterdam 2019.

Molebatsi, K., & Olashore, A. A. (2018). Early-onset psychosis in an adolescent with DiGeorge syndrome: A case report. South African Journal of Psychiatry, 24(0), 1–3. https://doi.org/10.4102/sajpsychiatry.v24.i0.1164

Rodowski, M.F., Cagande, C.C., & Riddle, M.A. (2008). Childhood obsessive-compulsive disorder presenting as schizophrenia spectrum disorders. Journal of Child and Adolesent Psychopharmacology, 18(4), 395-401.

Shriki-Tal, L., Avrahamy, H., Pollak, Y., Gross-Tsur, V., Genstil, L., Hirsch, H. J., & Benarroch, F. (2017). Psychiatric disorders in a cohort of individuals with Prader–Willi syndrome. European Psychiatry, 44, 47–52. https://doi.org/10.1016/j.eurpsy.2017.03.007

Sikich, L. (2013). Diagnosis and Evaluation of Hallucinations and Other Psychotic Symptoms in Children and Adolescents. Child and Adolescent Psychiatric Clinics of North America, 22(4), 655–673. https://doi.org/10.1016/j.chc.2013.06.005

Singh, M. K., Ketter, T., & Chang, K. D. (2014). Distinguishing Bipolar Disorder From Other Psychiatric Disorders in Children. Current Psychiatry Reports, 16(12), 1–22. https://doi.org/10.1007/s11920-014-0516-2

Smith, H. A. B., Brink, E., Fuchs, D. C., Ely, E. W., & Pandharipande, P. P. (2013). Pediatric Delirium. Pediatric Clinics of North America, 60(3), 741–760. https://doi.org/10.1016/j.pcl.2013.02.010

Sommer, I.E.C., Daalman, K., Rietkerk, T., Diederen, K.M., Bakker, S., Wijkstra, J., & Boks, M.P.M. (2010). Healthy individuals with auditory verbal hallucinations; Who are they? Psychiatric assessments of a selected sample of 103 subjects. Schizophrenia Bulletin, 36(3), 633-641.

Soutullo, C. A., Escamilla-Canales, I., Wozniak, J., Gamazo-Garrán, P., Figueroa-Quintana, A., & Biederman, J. (2009). Pediatric bipolar disorder in a Spanish sample: Features before and at the time of diagnosis. Journal of Affective Disorders, 118(1–3), 39–47. https://doi.org/10.1016/j.jad.2009.02.010

Sprong, M., Becker, H.E., Schothorst, P.F., Swaab, H., Ziermans, T.B., Dingemans, P.M., Linszen, D., van Engeland, H. (2008). Pathways to psychosis: a comparison of the pervasive developmental disorder subtype Multiple Complex Developmental Disorder and the "At Risk Mental State". Schizophrenia Research; 99(1-3): 38-47

Starling, J., & Dossetor, D. (2009). Pervasive developmental disorders and psychosis. Current Psychiatry Reports, 11, 190-196.

Stentebjerg-Olesen, M., Pagsberg, A. K., Fink-Jensen, A., Correll, C. U., & Jeppesen, P. (2016). Clinical Characteristics and Predictors of Outcome of Schizophrenia-Spectrum Psychosis in Children and Adolescents: A Systematic Review. Journal of Child and Adolescent Psychopharmacology, 26(5), 410–427. https://doi.org/10.1089/cap.2015.0097

Werry, J.S., McClellan, J.M., Chard, L. (1991). Childhood and adolescent schizophrenic, bipolar, and schizoaffective disorders: a clinical and outcome study. Journal of the American Academy of Child & Adolescent Psychiatry; 30(3): 457-65

Wunderink, L., van Bebber, J., Sytema, S., Boonstra, N., Meijer, R. R., & Wigman, J. T. W. (2020). Reprint of: Negative symptoms predict high relapse rates and both predict less favorable functional outcome in first episode psychosis, independent of treatment strategy. Schizophrenia Research, 225, 69–76. https://doi.org/10.1016/j.schres.2020.11.046

Zorgstandaard Psychose (2017). Netwerk Kwaliteitsontwikkeling GGZ. Utrecht.

Terug naar boven

Behandeling psychose

Medicatie' bij dit thema.

Gezin betrekken bij behandeling

Het betrekken van het gezin van het kind of de jongere is, meer dan in de volwassenenzorg, essentieel voor de behandeling (Carr, 2018). Zo is het vooral is van belang dat er geïnvesteerd wordt in het maken van contact met de jongere en familie. Het betrekken van het gezin van het kind of de jongere is, meer dan in de volwassenenzorg, essentieel voor de behandeling (Carr, 2018). Voor het effect van de behandeling is het ook van belang dat de hulpverlener zoveel mogelijk probeert aan te sluiten bij de wensen van de patiënt en zijn/haar familie. Voor jongeren geldt dat zij er graag ‘bij willen horen’ en is school en werk vaak belangrijk. De hulpverlener moet ook op individuele basis proberen een inschatting te maken van wat haalbaar is en welke begeleiding daarvoor nodig is. Er kan gebruik gemaakt worden van een vaardigheidstraining, begeleiding van school of verwijzing naar een speciale leer-, werk- of woonomgeving.

Signaleringsplan

Kinderen en adolescenten met een psychose dienen snel en adequaat behandeld te worden door een ervaren behandelaar. Uitstel kan leiden tot een onvolledige remissie en toename van comorbiditeit (Van den Bosch et al., 1999; van der Gaag et al., 2012, Lo et al., 2016). In de jeugd-GGZ wordt regelmatig gewerkt met signaleringsplannen om vroegtijdige interventies te kunnen bewerkstelligen. Het signaleringsplan is een effectief hulpmiddel dat wordt ingezet om het voor zowel professionals als cliënten beter mogelijk te maken om dreigende decompensatie tijdig aan te zien komen. Diagnose, anamnese en ervaringen, maar ook de actuele situatie vormen een geheel waaruit duidelijk wordt welke signalen duiden op een eventuele dreigende escalatie. Deze signalen worden gebundeld, waarbij de behandelaar verantwoordelijkheid draagt voor het vastleggen in zorgplannen. Het signaleringsplan biedt de mogelijkheid voor multidisciplinaire teams om samen te werken en in te spelen op (dreigende) situaties. Tevens kan de hulpverlener tijdig ingrijpen en de cliënt of diens familie daarbij om ondersteuning vragen (Kleinsman & Kaptein, 2018).

Terug naar boven
Terug naar boven

PsychoseNet, 2021).
Er zijn multidisciplinaire teams gericht op vroege interventie bij psychose en gericht op adolescenten en jongvolwassenen, de zogenaamde ‘vroege interventie psychose’ teams (VIP). Binnen het VIP-team zijn verschillende professionals actief die zich inzetten om intensieve zorg te bieden bij een vroege psychose. Zij zijn gespecialiseerd in het opsporen van een (eerste) psychose en deze zo snel mogelijk te behandelen. Tevens werken zij onder andere d.m.v. terugvalpreventie, medicatie, trajectbegeleiding en het eerdergenoemde signaleringsplan (Kienhorst et al., 2014). Deze benadering is in diverse studies effectiever gebleken dan care-as-usual. Tijdige verwijzing naar een gespecialiseerd centrum is belangrijk. Echter, veel jongeren met een eerste psychose of psychotische ervaringen zijn 16 jaar en ouder en vallen daarmee vaak tussen kinder- en jeugdpsychiatrie en volwassenenpsychiatrie in. Om die reden is een goede samenwerking tussen beide belangrijk.

Ultra-high risk groep

Bij de ‘ultra high risk group’ is er nog geen sprake van een psychose. De interventies bij deze groep zijn dan ook preventief van aard. De EBRO Module Vroege Psychose (2017) doet de volgende aanbevelingen ten aanzien van begeleiding en behandeling van mensen met een UHR:
1) Vroege interventie bij mensen met een UHR moet zich richten op het voorkomen van psychose en het behoud van sociaal functioneren, ook op school en op het werk
2) CGTuhr wordt aanbevolen als interventie voor de UHR, en is gericht op het normaliseren van de psychoseachtige ervaringen door middel van gerichte psycho-educatie
3) Antipsychotische medicatie wordt afgeraden; zowel bij 1) milde (subklinische) psychotische symptomen die onvoldoende zijn om te spreken van een psychotische stoornis; als bij (2) om een transitie naar een eerste psychotische episode te voorkómen.
4) Het behandelen met vetzuren kan gezien het geringe bewijs niet worden aanbevolen of afgeraden.
5) Andere psychische kwetsbaarheden dienen uitgebreid in kaart gebracht te worden, in het bijzonder angststoornissen en depressie, bipolaire stoornis, posttraumatische stressstoornis en verslaving. Deze stoornissen moeten eveneens behandeld worden.

Terug naar boven

>> Lees verder over 'Gedachten uitpluizen'

Multifamily groups in the treatment of severe psychiatric disorders

‘Multifamily groups in the treatment of severe psychiatric disorders’ helpt jongeren met psychotische gevoeligheid of klachten, en hun familieleden middels psycho-educatie. Het doel: volledige deelname aan de maatschappij en blijvend herstel.

>> Lees verder over 'Multifamily groups'

Individual Placement and Support (IPS) – Onderwijs

Ondersteuning bij het volgen van een opleiding kan een doel zijn van IPS. Het kan helpen om uitval te beperken en jongeren een kansrijk perspectief te bieden. IPS Onderwijs kan jonge patiënten ondersteunen bij het afronden van hun (beroeps)opleiding om hun startkwalificaties op het niveau te brengen dat bij ze past. In de Multidisciplinaire Richtlijn Schizofrenie (2012) wordt gesteld dat een IPS-interventie waarbij Supported Employment met Supported Education gecombineerd wordt, jonge patiënten met schizofrenie die een eerste psychose hebben doorgemaakt kan helpen met het hervatten van opleiding en/of werk. Lees meer over IPS >>

Het toepassen van e-health bij behandeling van psychosen

Het gebruik van e-health zou positieve effecten laten zien op de toegankelijkheid, transparantie, kwaliteit en efficiëntie van zorg. Om die reden wordt er de laatste jaren steeds meer onderzoek verricht naar behandelingen die zich hierop baseren (Bul et al., 2017). Verwacht wordt dat het aantal apps dat ingezet wordt in de zorg de komende jaren zal toenemen (Lim et al., 2019). Ook cognitieve gedragstherapie ondersteund met exposure oefeningen in een virtuele omgeving (VR-CBT) laat positieve effecten zien: jongeren gaven na behandeling aan vaker contact te hebben met mensen, de kwaliteit van leven nam toe en het ervaren stigma werd minder (Pot-Kolder et al., 2018). Lees meer over werken met e-health >>

Uitgebreidere informatie over behandelingen kan worden gevonden in de EBRO Module Vroege Psychose (2017)

Terug naar boven

https://doi.org/10.1007/s12508-017-0021-1

Carr, A. (2018). Family therapy and systemic interventions for child-focused problems: the current evidence base. Journal of Family Therapy, 41(2), 153–213. https://doi.org/10.1111/1467-6427.12226

GGZ inGeest. (2021). FACT, ACT, VIP en EDIT. https://www.ggzingeest.nl/hoe-krijg-ik-hulp/soorten-hulp/fact-act-vip-en-edit/

Haan, L. de, Becker, H. (2006). Psychosen. In: Leerboek Psychiatrie, Kinderen en adolescenten. Utrecht: De Tijdstroom.

NICE (National institute for Health and Clinical Excellence). (2013). Psychosis and Schizophrenia in children and young people. Recognition and Management. Nice Richtlijn CG 155, Londen.

Niesink, R. J. M., & Van Laar, M. (2016). THC, CBD en gezondheidseffecten van wiet en hasj: Update 2016. (AF 1490 redactie) Trimbos Institute.

Landelijke Stuurgroep Multidisciplinaire Richtlijnontwikkeling in de ggz (2012). Multidisciplinaire richtlijn Schizofrenie. Utrecht: De Tijdstroom.

Lim, M. H., Gleeson, J. F. M., Rodebaugh, T. L., Eres, R., Long, K. M., Casey, K., Abbott, J.-A. M., Thomas, N., & Penn, D. L. (2019). A pilot digital intervention targeting loneliness in young people with psychosis. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology, 55(7), 877–889. https://doi.org/10.1007/s00127-019-01681-2

Lo, T. L., Warden, M., He, Y., Si, T., Kalyanasundaram, S., Thirunavukarasu, M., Amir, N., Hatim, A., Bautista, T., Lee, C., Emsley, R., Olivares, J., Yang, Y. K., Kongsakon, R., & Castle, D. (2016). Recommendations for the optimal care of patients with recent‐onset psychosis in the A sia‐ P acific region. Asia-Pacific Psychiatry, 8(2), 154–171. https://doi.org/10.1111/appy.12234

Pot-Kolder, R. M. C. A., Geraets, C. N. W., Veling, W., van Beilen, M., Staring, A. B. P., Gijsman, H. J., Delespaul, P. A. E. G., & van der Gaag, M. (2018). Virtual-reality-based cognitive behavioural therapy versus waiting list control for paranoid ideation and social avoidance in patients with psychotic disorders: a single-blind randomised controlled trial. The Lancet Psychiatry, 5(3), 217–226. https://doi.org/10.1016/s2215-0366(18)30053-1

Stichting PsychoseNet. (2021, 22 januari). ACT en FACT: schaalbare zorg thuis. PsychoseNet. https://www.psychosenet.nl/behandeling/act-en-fact/

Van der Gaag, M., van den Berg, D., & Ising, H. (2019). CBT in the prevention of psychosis and other severe mental disorders in patients with an at risk mental state: A review and proposed next steps. Schizophrenia Research, 203, 88-93.

van der Gaag, M., Nieman, H., Rietdijk, J., Dragt, S., Ising, H.K., Klaassen, R.M.C., et al., 2012.Cognitive behavioral therapy for subjects at ultrahigh risk for developing psychosis: arandomized controlled clinical trial. Schizophr. Bull. 38 (6), 1180–1188
Zuardi, & Crippa. (2020). Exploring the relationship between cannabidiol and psychosis – Psychiatric Times. Dispensary Near Me.

Terug naar boven

Medicatie psychose

https://www.ggzstandaarden.nl/generieke-modules/stemmen-horen

 

Eerste episode psychotische stoornis 

a.     Begin met een antipsychoticum (oraal)

+

b.     Psychologische behandeling met psychoeducatie (individueel +/- met systeem). (Zie GGZ Standaard – Psychose: https://www.ggzstandaarden.nl/zorgstandaarden/psychose/)

c.     Keuze voor een antipsychoticum: antipsychotica werken doorgaans goed tegen een psychotische stoornis.  Er is geen duidelijk keus te maken van een eerste of tweede keus medicatie. Meest gebruik van antipsychotica zijn off-label bij minderjarige.  Een keuze van welke antipsychoticum te gebruiken wordt gemaakt in overleg met cliënt (en familie) op basis van 3 aspecten:

  • i.     Effectiviteit: Clozapine is het meest effectief antipsychoticum maar i.v.m. de risico’s op bijwerkingen staat als derde keus middel in de richtlijnen. Amisulpiride en olanzapine zijn relatief effectief medicijnen in vergelijking tot andere antipsychotica zoals risperidon, quetiapine, haloperidol en aripiprazol, maar het verschil in effectiviteit tussen antipsychotica is niet groot.
  • ii.     Bijwerkingen: antipsychotica verschillen sterk van elkaar qua bijwerking profiel. Bespreek met client en familie mogelijk te verwachten bijwerkingen zoals: metabole problemen (bv verhoogd risico op gewichtstoename bij olanzapine); bewegingsstoornissen; hormonale problemen (bv verhoogde prolactinespiegel bij risperidon); seksuele bijwerkingen; andere (bv vermoeidheid) 
  • iii.     Toedieningsmogelijkheid: meestal wordt orale medicatie gebruikt, maar te overwegen is in tabletvorm of smelttablet vorm plus ook de mogelijkheid van periodieke toediening in de vorm van depot medicatie.

d.     De keuze van antipsychoticum is een individuele afweging waarbij een gunstig bijwerkingsprofiel vaak een rol speelt maar vaak naast de ernst van de symptomen en de hoeveel agitatie en gevaar.

e.     Als er onvoldoende effect op de eerste keus antipsychotica is, (binnen 4-6 weken is er een maximaal effect te verwachten) dan wordt er geswitcht na een ander antipsychoticum. Na 2 antipsychotica met onvoldoende effect is clozapine de beste optie.

f.      Medicatie gebruik moet zorgvuldig gemonitord en geëvalueerd. Gegeven de verwachting dat het gebruik van antipsychotica bij een psychotische stoornis nodig is voor waarschijnlijk twee jaar dan belangrijk om het schema voor monitoring van antipsychotica te gebruiken (https://www.ggzstandaarden.nl/zorgstandaarden/psychose/achtergronddocumenten/schema-systematische-medicatiemonitoring). In de opbouwfase van medicatie gebruik is wekelijks evaluatie nodig gericht op effect van de medicatie en ook bijwerkingen.

g.     Bij agitatie, angst en spanning in verband met de psychose zijn antipsychotica samen met benzodiazepines effectief. Bij noodsituaties is een combinatie van haloperidol en promethazine effectief. (zie ingrijpmedicatie protocol: Medicatie en bijwerkingen – Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie (kenniscentrum-kjp.nl)  

h.     Vermijd het gebruik van polyfarmacie – combinaties van antipsychotica.

 

Episodisch Verloop – relaps, onvolledige remissie

a.     Gebruik antipsychotica

+

b.     Psychologische interventies (individueel +/- met systeem)

c.     Overweeg een medicatie switch bij onvoldoende respons.

d.     Probeer bijwerkingsprofiel duidelijk in kaart te brengen samen met cliënt (bijwerkingen zijn een van grootste redenen om te stoppen met medicatie). Overweeg middels inzet van de Pakwijzer (https://www.pakwijzer.nl/)  samen met cliënt een rangorde te maken van antipsychotica om te faciliteren een keus te kunnen maken.

e.     Als er sprake is van medicatie ontrouw dan een depot vorm van een antipsychotica is te overwegen.

f.      Bij onvoldoende respons op 2 antipsychotica is clozapine de beste optie. Voor verdere informatie over instellen op clozapine en de nodige controles zie: Richtlijn voor het gebruik van Clozapine « Clozapinepluswerkgroep. Clozapine heeft vaak langer nodig om een effect te hebben: 4-6 maanden.

Terug naar boven

Onderzoek naar psychose

Expertgroep psychose

Terug naar boven

Cyberpoli

Op Cyberpoli.nl vind je veel informatie over psychische klachten en andere gezondheidsonderwerpen. Je kunt vragen stellen aan experts en ervaringsdeskundigen. Ouders zijn ook welkom.

    Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie maakt gebruik van cookies voor analyse van het gebruik van deze website en om de website optimaal te laten werken. Uw bezoek blijft daarbij anoniem. Voor meer informatie, zie onze privacyverklaring

    De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

    Sluiten